INTERVIEW: Het grote ‘Oh oh, wat jammer-interview’: Kees Zijp stopt met trainen van de jeugd
29.05.11 22:56
Categorie: Algemeen, Alg. Seizoen 10/11, Interview, Jeugd, Jeugd Jaren 90
Door: Roderick Mirande
Sinds 1961 al bij de Geuzen en jeugdtrainer van het eerste uur. Zijn enkel wil niet meer, dus hij moet ermee stoppen. We blikken terug met deze Reuzengeus.
Paspoort Kees Zijp
Bij GeuzenMiddenmeer van het prille begin in1997
Bij C.S.V. De Geuzen sinds 1961
Woont in de Watergraafsmeer
En met mooi weer in een buitenhuis in Alkmaar
Samen met zijn tweede vrouw, Lisanne van Leeuwen
Vijf zoons: Rick, Robin, Stefan, Daniël en Duco.
‘Helaas nog geen kleinkinderen’ (Kom op jongens!)
Supporter van GMM en van Barcelona (‘De club die het mooiste voetbal speelt.’)
Beste voetballers ooit: Johan Cruijff en Piet Keizer.
Speelt zelf nog boerenbridge met zijn schoonfamilie en zwemt met Lisanne
Vraag 1: Hoe kwam je bij GMM terecht?
‘Ik kwam tijdens een Pinkstertoernooi in 1961, nu dus 50 jaar geleden, bij de C.S.V. De Geuzen terecht. Niet als voetballer, maar als junior honkballer. Dat had je in die tijd nog. Ik werd daar ‘de vier wijd koning’genoemd omdat ik door mijn lengte de bal nooit raakte en de werper altijd te hoog gooide. Ik vond dat dat kleine balletje wel erg hard op mij afkwam zodat ik later voor de grotere voetbal koos. Mijn broertje Frits speelde toen bij de C junioren en dat wilde ik ook. Ik kwam daar bij de B junioren onder leiderschap van mijn vader Marten Zijp. In september 1978 brak ik echter mijn rechterenkel op twee plaatsen. Dat was het einde van mijn voetbalcarriëre. De Geuzen was een echte familieclub was. Behalve veel Zijpen, liepen daar ook de families Jonkman, Kleine, Schaap, v.d Hilst, Hofstra, Brinkman, Wegewijs, Postma, Meinema, Carton, Bakker rond. Van mijn familie waren mijn ooms Theo , Dick, Co, Her, Gerard en mijn vader Marten en tante Gre altijd bezig bij de club. En veel neven en nichten waren er lid. Je wist niet beter dan dat er maar één Club was in de Watergraafmeer: C.S.V De Geuzen. Na mijn actieve voetbalcarriëre kwam ik in de ontspanningscommissie(klaverjas, bingo en Sinterklaas) terecht en heb daarna samen met Ton Pel de vele Anton Schaap jeugdtoernooien georganiseerd. In 1980, 1981 en 1982 heb ik drie K.N.V.B Jeugdsportkampen geleid, in Zeist, Maarsbergen en Gaanderen. Die hebben we onder de vlag van GeuzenMiddenmeer herhaald in 2000, 2001 en 2002. Van 1981 tot 1990 hebben we het Watergraafsmeer Scholentoernooi op onze velden georganiseerd. In 1999 kregen we het eerste met zand ingestrooide kunstgras veld en dat was voor mij het moment om de jeugdafdeling nieuw leven in te blazen met een eerste vijfjarenplan om van onze jeugdafdeling weer een compleet geheel te maken. Om van F tot en met A op alle fronten aanwezig te zijn. Samen met Carlos die nu de hele jeugdtraining coördineert, is dat aardig gelukt.’
Vraag 2: Wat is typisch Geuzenmiddenmeer?
‘Dat elke afdeling goed bezet is met een kader en vrijwilligers/sters die deze vereniging een goed hart toe dragen, hoewel er nog wel vrijwilligers/sters nodig zijn op enkele afdelingen. Er wordt nu nog wel eens gesproken over ‘de Geuzen’ maar vanaf 1997 is de samenwerking met Middenmeer (Wilskracht en Meerboys) een feit. Sámen zijn wij GEUZENMIDDENMEER! Een grote bloeiende vereniging.’
Vraag 3: Wat is jouw gloriemoment als Geus? En aan welk moment denk je liever niet terug?
‘Mijn gloriemomenten waren het kampioenschap in 1975 met het 7e elftal, waarin we speelden met Wim Versloot, Han en Bert Olie, Ron v.d. Bolt, Henk Licher en dat ik een keer als verdediger vanaf mijn eigen helft de bal in één keer op de slof nam en het bruine monster in het doel van de tegenpartij, Arsenal schoot. Ik had wel het geluk dat we wind mee hadden. Natuurlijk denk ik liever niet terug aan het moment dat ik op de grond lag en besefte dat ik mijn rechter enkel gebroken had. Mijn eerste vrouw was net bevallen van onze tweede zoon Robin en het kwam dus niet gelegen dat ik zes weken in het OLVG moest liggen.’
Vraag 4: Je bent de jeugd gaan trainen. Hoe kwam dat zo?
‘Op de school van mijn oudste zoon Rick was er een schoolelftal dat getraind moest worden. Elke woensdagmiddag ging ik met de jongens een uurtje op een grasveldje bij die school trainen. Wat denk je? Ze werden voor het eerst kampioen van Alkmaar in 1987. Vanaf dat moment vond ik het leuk, ook omdat ik een systeem bedacht had, dat werkte. Daarna ging ik een trainerscursus volgen bij de KNVB in Alkmaar en werd trainer, achtereenvolgens bij Jong Holland, Koedijk, Amstelveen Heemraad en De Geuzen/GeuzenMiddenmeer. Bij al die clubs gingen mijn jongens voetballen en ik vond dat ik als vader niet alleen langs de kant moest gaan staan maar ook daadwerkelijk de club helpen en dat is eigenlijk ook de boodschap aan andere ouders. Kom naar je kind kijken en doe iets bij de club waar je kind speelt.’
Vraag 5: Wat is de aardigheid eraan?
‘Dat je kinderen zelfvertrouwen geeft en dat je ze ziet groeien in hun spel en dat als je een systeem hebt en je ziet dat dat werkt je daar zelf ook vrolijk van wordt. En dat je door jouw enthousiasme andere mensen wakker ziet worden en ook gaan helpen.’
Vraag 6: De glimlach van een kind doet je beseffen dat je leeft?
‘Dat is een waarheid als een koe, want nu de laatste paar jaar ik met de mini’s werk, zie je jongentjes maar ook meisjes die niet zo goed kunnen voetballen aan het eind van het seizoen een doelpunt maken en dan zie je die blijdschap op zo’n gezichtje. Dan juich ik ook van binnen en geniet daar ook van. Dan besef je waarvoor je het allemaal doet.’
Vraag 7: Heb jij nog jochies in de jeugd gehad, die het best ver hebben geschopt in het voetbal?
‘Niet alleen jochies maar ook meisjes, zoals Jamila Ait Boubker die bij de KNVB gespeeld heeft en enkele andere meisjes en jongens die nu bij de KNVB spelen. Als ik nu in ons eerste elftal zowel de zaterdag als ook de zondag enkel van mijn vroeger pupillen zie voetballen, ben ik best trots. Hoewel ook de jongens die het 1ste niet gehaald hebben mij even lief zijn. Als ze maar plezier hebben! Er lopen nu bij de D, E en F junioren talentjes rond waarvan ik zeker weet dat ze over een tiental jaren bij Ajax spelen…’
Vraag 8: Soms kan je ze ook achter het behang plakken. Wat is dan de Kees Zijp aanpak?
‘Eerst waarschuwen en als dat niet lukt een schop onder hun kont. Dat heb ik wel eens gedaan. Toen kwam er een vader boos naar mij toe en vroeg mij om uitleg. Toen ik hem die uitleg gaf, gaf hij mij een hand en gaf mij gelijk.’
Vraag 8: Je moet ermee stoppen, vanwege een enkelblessure. Wat nu? Je gaat toch niet in en gat vallen?
‘Dat stoppen doe ik met pijn in mijn hart, maar eigenlijk moet er een jong enthousiaste trainer en/of trainster voor de mini’s komen omdat het van belang is dat deze groep een goede voorbereiding krijgt voor hun verdere voetbalcarriëre. Ik zal zeker niet in een gat vallen, want er is genoeg te doen bij de club. Al enkele jaren zie je mij zaterdagochtend in de bestuurskamer samen met Ton Pel en Jaap Kranstauber de gasten ontvangen. Ik heb daar mijn eigen plekje en als het administratieve werk is gedaan ga ik voor het raam zitten genieten van al die mooie jeugdwedstrijden. Ik noem het mijn skybox bij de club. En aan het eind van het seizoen breng ik samen met Jimmy Reinders de vele jeugdtoernooien tot een goed einde, zodat er voor jong en oud een mooie afsluiting is van een seizoen. Samen met mijn vrouw Lisanne heb ik de Gouden Herbalife schoen in het leven geroepen voor die man of vrouw die iets bijzonders voor onze jeugd gedaan heeft. Dat doen we al vanaf 2003, toen kreeg Eva van Noort hem. In 2004 ging hij naar Ward Kool, 2005 Dick Heddema, 2007 Peter Flantua, 2008 Loes van Gelder, 2009 Jimmy Reinders, 2010 Jaap v.d. Akker en dit jaar naar Jaap Kranstauber.’
Vraag 9: Als GMM een waardige opvolger zou vinden, heb je dan één of twee Gouden Zijp-tips voor hem of haar?
‘Ja zeker, je moet van kinderen houden en ze zien als een talentvolle speler of speelster die graag goed wil leren voetballen. Probeer met goede aandacht en een goed trainings systeem om dat uurtje op de woensdagmiddag tot een voetbalfeestje te maken. Zo houd je er zelf ook plezier in. Het leukste vind ik nog altijd het verjaardagslied waar we elke training mee beginnen als er in die een jarige is. Dat is een mentale warming up.’
Vraag 10: We zien je toch hopelijk nog wel eens terug op de club?
‘Terugzien? Ik ga niet eens weg. Ten eerste draai ik elke zaterdagochtend bestuursdienst, ten tweede verzorg ik samen met Jimmy Reinders de jeugdtoernooien en ten derde kan en mag ik niet weg. Ik moet als laatste Zijp namelijk de eer van de familie hoog houden bij die Club in de Watergraafsmeer GEUZENMIDDENMEER!’