Mijn herinneringen aan De Geuzen
03.05.09 00:00
Categorie: Column, Alg. Seizoen 08/09, Jaren 70
Door: A3 (Adrianus Pope den Houdijker)
Het zal 1965 zijn geweest dat ik lid werd van De Geuzen, mijn eerste wedstrijd was uit tegen N.D.S.M., met de B2 onder leiding van dhr. Wilders. Op de fiets vanaf de Koningskerk naar het eind van Noord, op de pont kregen we een pepermuntje van dhr. Wilders. O de uitslag weet ik niet meer, maar we wonnen wel, daar tegen de grote werf aan en op een koud en winderig veld.
Goed ligt nog in mijn geheugen het zwarte pad naar de kantine, een houten gebouwtje (groot woord), maar zo gezellig en warm. Tussen de velden 1 en 2 de hoge heggen aan weerzijde van het pad. De kleedkamers bij veld 1, die enige beschutting gaven bij de wedstrijden van het eerste en de kleedkamers aan de andere kant van de sloot van de kantine. Nee geen douches, maar metalen bakken waar we ons in konden wassen met koud water natuurlijk. De sfeer was er altijd wel heel erg goed en de thee in de rust was verwarmend in die koude kleedkamers. Het hek wat over het pad ging als het eerste speelde en dan kwam er een kassahokje te staan.
Deze hele accommodatie deelden we met B.P.C., die daar zondags weer gebruik van maakte. Later kregen we het veld bij de kleedkamers als 3de veld en nog weer later het veld bij de ingang van het zwarte pad als 4de veld, tussen deze velden lag dan de thuisplaat van het honkbalveld, wat dan richting 4de veld speelde. Toen de club voorbij het Geuzenpark later wegging kregen we dat veld als 5de veld.
Inmiddels liepen we één of twee keer in de week door diverse buurten om oude kranten op te halen, er moest namelijk een nieuw clubhuis komen en dan gelijk maar duur, namelijk met douches met warm en koud water. Jaren `s avonds over de straat gesjouwd met bv. dhr. De Jong (semege), die leider was van een elftal. We liepen ver Oosterparkbuurt, Wetbuurt, Jeruzalem en de buurt tussen Kruislaan en Hogeweg. Toen het einddoel nabij was kwamen er obligaties in de verkoop, ja ik heb er nog twee, om het clubhuis er definitief te krijgen.
Ondertussen ging het voetbal gewoon verder en fietsen we wat af, N.D.S.M. en K.N.S.M. in Noord, O.S.D.O. in Ouderkerk, A.M.V.J. in het Amsterdamse Bos, Amstelveen, Vlug en Vaardig op Ookmeer en naar Muiden, ja we kwamen nog eens ergens. Als we naar Muiden moesten was er meestal een mondelinge cursus karate of een schriftelijke cursus jiujitsu gevolgd in onze verhalen.
Herinner me de tocht terug uit Noord met Willem Willemse en Henk Kleine, we namen bij het kleine winkelcentrum (je had er toen nog maar twee in Noord) nog iets te eten, een zure bom en zure leverworst, bij de cola viel dat niet zo goed en het kwam bij één van ons de neus uit.
Als we vrij waren of vroeg gespeeld hadden achter de goal bij het 1ste wanneer dat dan thuis speelde, of bij afkeuring naar het AJAX-stadion voor AJAX 2, lekker zitten op de Reynoldstribune en alleen dhr. Wilders geen staan op de stadszijde, zelfs in de regen en het was toen nog niet overdekt, Daar zagen we dan o.a. Louis van Gaal en Gerrie Kleton spelen.
De reis in de Citroën DS van voorzitter Meinema naar Blauw-Wit Wormerveer en dan ineens aan het einde van de wereld staan, tegen de Zaan aan, het veld nog wel op tijd gevonden, nee in die tijd geen TomTom. Ook de reis met hem, na een 12 uur wedstrijd, naar Amstelveen om tegen N.F.C. te spelen om half drie, in de auto mij omkleden van speler naar keeper en nog net op tijd om in te schieten. Die wedstrijd raakten mijn veters en die van Nico Oostenrijk in elkaar, bij een hoge bal en zaten gelijk in de knoop, dit blijft me altijd bij omdat de avond of nacht erna Nico overleden werd gevonden op de Kruislaan, hij was aangereden door een auto en die was doorgereden. Herinner me nog de emotie en het verdriet in en bij de veels te kleine aula op de kleine begraafplaats in Diemen.
Het verzamelen, al vanaf de jeugd, bij de Koningskerk waar iedere leider zijn eigen plekje had. De één bij de toren, de ander bij de jeugdkelder, weer een ander bij de ingang bij de Ferraristraat (dhr. De Jong, hij woonde namelijk op de hoek) en nog bij het ouderlingengebouwtje, waar ik in mijn vrij tijd zo vaak op klom.
Het trainen op het veld van Watergraafsmeer, waar ze al wel een douche hadden, in schemer kunstlicht onderaan de dijk van de Ringvaart, heerlijk om die dampen te zien in het vage licht. Dhr. Budding en dhr. De Jong verzorgden die trainingen vaak.
Ook de heerlijke tijd bij het Drinking Team, later afgekort als Geuzen DT, als 4de elftal kampioen, het jaar daarop als 5de en zo nog twee jaar. Dit alles onder de bezielende leiding van Willem (Obelix) Overman, die soms op zaterdagochtend nog moest zorgen dat we in ieder geval met z`n achten waren. Dit team was in het leven geroepen door de honkbal afdeling om in conditie te blijven de winter door en zo kon het gebeuren dat we in de lente soms om half tien al voetbalden omdat later nog gehonkbald moest worden, andersom was minder, we speelden wel eens om 18.00 uur en stonden er diverse aangeschoten spelers op het veld. Herinner me een wedstrijd om tien uur en dus om acht uur verzamelen bij de Emmakerk (nu De Bron), we moesten namelijk wel een uur voor de wedstrijd in de kantine zijn. Zo zie ik het verschrikte gezicht van de kantinebaas nog voor me, toen wij binnen kwamen, omdat het honkbal niet doorging hadden we die dag alle tijd en waren we ook helemaal compleet. Het was bij Neerlandia herinner ik me nu. We bestelden 16 pils, waarop de kantinebaas vertelde dat er heerlijke koffie was. Ons antwoord was en wij willen graag bier. Man wijst naar buiten twee velden verder, of we daar die schuur zien. Blijkt daar het bier in te staan en dus vertelden we dat we wel even wachten dan. Na een pilsje en een gewonnen wedstrijd bleven we lekker hangen en moesten we om 18.00 uur door dezelfde kantinebaas er weer uit gezet worden, we waren inmiddels nog maar de enigen die er zaten.
Het toernooi Blauw-Wit in Leeuwarden, waar Lennard Veer in de spits ging en ik zijn plaats in het doel overnam, waar we uiteindelijk na een lange penalty serie het toernooi wonnen. Het O.S.D.O. toernooi in Ouderkerk, waar meer wespen en bijen waren dan speler en toeschouwers. Ook de vele jeugdtoernooien op Koninginnedag blijven me bij, helemaal omdat daar soms een vervolg later het jaar in zat, een ieder moest, ook alle spelers, entree betalen voor het goede doel.
Zo komen namen als Wegewijs, Kleine (er waren er 5 of 6 lid van de club en ook nog één leider), Kooy (buschaffeur uit Noord, waar we vaak op visite gingen), Hommels, Brinkman (waren er ook drie van) en vele andere te boven. Na het kampioenschap met de A1, kregen we een wedstrijd tegen Winterthur uit Zwitserland van de club als cadeau. Na wedstrijd een feestje in het gebouwtje van Patrimonium, onder de fam. Brinkman, waar de Zwitsers als germanen marcheerden en zo over de Diana (soort 2CV) van een lid van het damesteam (wat ook kampioen was) wandelden, waardoor het linnen dak in ongerede raakte.
De reis met de bus (Amerfoorts Bloei) naar Lisse in twee bussen en onderweg een klapband langs een vaart in de polder, mazzel net naast een boom en die belette dat we op ons zij in de vaart kwamen. Na heel lang oponthoud toch nog naar Lisse afgereisd, waar men dacht dat er gewonden of erger zouden zijn, toen werd het toernooi toch maar in afgeslankte vorm gespeeld. Lang heb ik nog een stuk schors van de boom in mijn bezit gehad.
Ook de wedstrijd in Hoofddorp ligt nog in mijn geheugen, na de wedstrijd gelijk de kleedkamer in, om het einde van Veronica te horen op mijn transistorradio. Deze radio begeleidde ook Arie en Willem Willemse, Paul Hommels en mij als we weer eens op de brommer naar Vinkeveen gingen om daar een roeiboot te huren en dan meegalmend over het water voeren.
De feesten in de nieuwe kantine waren een groot succes, net als de bingoavonden, waar ik ooit nog eens twee tuinstoelen won en mijn toekomstige (in die tijd) schoonvader moest bellen om ons op te halen, want die stoelen kregen we niet mee op de brommer. De kantinebaas die ontslagen werd omdat zijn gebruik ongeveer de helft (iets overdreven) van de totale omzet op een dag was. De warme soep, vroeger al, en de rose-koeken, het flesje cola en de snacks later in de nieuwe kantine. Ook het heerlijk rond het putje onder de douche zitten na een training; het blijven fijne herinneringen.
Er waren ook mindere dingen, blessures, de kapotte enkelbanden tegen N.F.C. A1 voor de interregional competitie, waar ik door de keeper onderuit werd geschopt, dit nadat hij de bal op mijn borst sloeg en los liet en ik voor een leeg doel zou komen. De zaterdag daarop moesten we de wedstrijd tegen V.V.A. bij de Jan van Galenstraat, dit om uit te maken wie er verder zou gaan in deze competitie. Bij het inschieten bleken spuiten in mijn enkel niet te helpen en bracht dhr. Kooy me naar het Lucasziekenhuis aan de andere kant van de straat. Hij gelijk weer terug want de wedstrijd kon zo beginnen, ik kwam met nog een half uur te spelen weer langs het veld, we stonden 0-2 voor en de druk was groot. Helaas werd het uiteindelijk 4-2.
Zo werd ook in een wedstrijd tegen Brandweer 2 met het 2de mijn keel dichtgeslagen door een brandweer die toevallig ook boksen kon. Ook waaide op weg naar Ookmeer, om tegen Vlug en Vaardig te spelen, een glas uit mijn bril en werd mijn oog dichtgeplakt door de E.H.B.O. aldaar, maak ik een doelpunt vanaf mijn eigen helft en dit terwijl ik denk een pas te geven op Willem Willemse.
Ook bij Vlug en Vaardig scheurde ik mijn kniebanden, dit omdat mijn lichaam draaide en mijn voet bleef staan. Stond net vijf minuten in het veld, omdat ik na een breuk van een middenhandsbeentje, in de eerste wedstrijd van het seizoen, net weer zou spelen in de 2dehelft, wel daarvoor nog een 2de helft in het 5de gespeeld omdat die maar met acht waren.
U leest mijn herinneringen zijn groot en veel en heb ook een leuke tijd gehad, mede daarom volg ik de uitslagen van de club nog wel, ben met mijn zoon nog één keer terug geweest en kon toen gelijk een oude bekende, van school en de club, naar de kleedkamer begeleiden, Luuk Degen volgens mij. Ook las ik nog een bekende naam op de site, Peter van Leeuwen, heb ik jaren mee op de Prinses Julianaschool gezeten en later nog op de Oosterparkschool voor M.U.L.O.
Voor mijn gevoel bestaat de club komend jaar pas 90 jaar trouwens, op 28-3-2010, maar ik begrijp heel goed hoe het nu in elkaar steekt. U denkt wie schrijft ons nu z`n enorm epistel?? Wel dat is Adri den Houdijker.
